vrijdag 11 november 2016

Zonnig


‘Je had iets verwacht en het liep helemaal anders, dat is eigenlijk het probleem juf,’ zei een leerling uit de groep 7 waar ik donderdag was. We hadden het Jeugdjournaal gekeken en de leerlingen hadden veel vragen; ‘Kan dat hier ook gebeuren, dat je denkt dat er iemand gaat winnen en dat dat helemaal niet zo is?’ of ‘Moeten alle Mexicanen nu weg uit de VS?

Het liep inderdaad anders dan velen van ons hadden verwacht. Maar het is zo, het is een feit en hoe gaan we daarmee om? De vraag aan de leerlingen was: ‘Kijk eens bij jezelf, hoe ga je om met nieuws dat je niet had verwacht?’ Ze vonden het moeilijk iets te bedenken, omdat ze vol waren van dit nieuws. Maar een meisje vertelde dat haar broer niet naar de middelbare school kon, waar hij graag naar toe wilde. En een ander meisje zei dat ze niet verwacht had dat er in Nice een vrachtwagen over de boulevard over mensen heen zou rijden.

En dus de volgende vraag: ‘Wat kun je zelf doen?’ Ik ben benieuwd waar jouw leerlingen mee komen, maar dit is mijn lijstje:
- je kan niets veranderen aan nieuws dat je niet had verwacht, behalve hoe je er op reageert
- je kan beginnen om een fijn leven te hebben op je school, in je familie, in je stad
- je kunt er iets aan doen door kleine dingen voor anderen te doen
- je kan voor iemand opstaan in de tram, of iemand voor laten bij de kassa
- je kan je buurvrouw helpen met de boodschappen
- je kan een toerist helpen door hem de weg te wijzen!

Hee, zo simpel is het.

Een leerling vertelde me dat hij een filmpje had gekeken op YouTube, het was een speech van Barack Obama over het verkiezingsverlies van Hillary Clinton. En zijn boodschap was: ‘Wat er ook gebeurt, de zon komt altijd weer op’. Deze leerling heeft het filmpje snel even voor ons opgezocht, we hebben het met de hele groep gekeken. Obama slaat de spijker op z’n kop, bekijk het filmpje hier.
Suggestie van een leerling! En ondertussen ook nog in het Engels … taalmeter van hier tot gunder!

vrijdag 21 oktober 2016

Busje komt zo


Schoolzwemmen, ik zie er het nut van in, maar man, man wat spannend ieder keer.

Zitten alle kinderen in de bus? Heeft iedereen z'n spullen mee? En: is iedereen weer mee terug in de bus naar school? Een klein schoolreisje, maar dan elke week. 

Gelukkig kunnen we als collega’s de verantwoordelijkheid delen en vinden de leerlingen het gewoon erg leuk om te gaan.

Je kunt met elkaar afspreken iedere week een ander ‘waterliedje’ aan te leren voor in de bus naar schoolzwemmen. Zingen in de bus is zo fijn; je bent er zo en je hebt ook nog extra woorden geleerd!

Bij dezen wat suggesties; even de tekst opzoeken, uitprinten, uitdelen, paar keer oefenen, inzingen, klaar!

Schoolzwemmen doe je met de middenbouw; daar is dit liedje leuk voor (met tekst om mee te zingen & lezen):


Waterliedjes voor andere groepen:
Kleuters – De krokodil10 kleine visjes
Groep 3 & 4 – Aadje Piraatje
Groep 5 – Regen
Groep 6 – Helder water bij de bron (Jungle Book)
Groep 7 & 8 Dolfijn -  Cold water (Engels)

Veel plezier!

vrijdag 30 september 2016

Ga met mij mee op reis

Op de Haarlemmerdijk liep ik 2 jongens van groep 7 van basisschool De Burght tegen het lijf. Ze begonnen meteen te zingen: ‘Hey juf, heb je even voor mij?’ Een droomscenario; leerlingen van 11 jaar die Fransje Bauer zingen omdat ze zich die herinneren uit de les. 

Kennis blijft hangen als het in een liedje wordt gegoten. Okee, ik geef toe, de woorden waren anders, want het ging over het canonvenster De Buitenhuizen en de eerste zin had moeten zijn: ‘Ga met mij mee op reis’ (ja la lai la la la).

Maar eerlijk is eerlijk, het origineel van Frans B. hadden we ook behandeld. En ze wisten nog dat het over stinkende grachten en trekschuiten en de Vecht ging. Wat wil je nog meer? Mijn dag was goed.

Verhalenfabriek heeft de Nederlandse geschiedenis in bekende meezingers gegoten: van Bauer tot de Beatles & en van Shaffy tot Sinterklaas.

Wat is jouw favoriete venster uit de canon van Nederland?
En waarom? Geef je reactie hieronder, dan maak je kans op een exemplaar van onze liedbundel. Ik ben heel benieuwd!

vrijdag 9 september 2016

Excellente opbrengsten


Zelf kom ik veel op scholen en werk dan langere, maar vaker kortere tijd met kinderen. Als ik in de klas kom, dan is het altijd leuk. Weliswaar ben ik altijd met taal bezig, alleen de kinderen merken dit niet.

Allereerst ben ik een vreemde (juf) en die ogen dwingen. Daarnaast is het anders dan dat ze gewend zijn. Omdat ik verhalen vertel, hangen ze aan je lippen. Het werkt altijd en zo moeilijk is dat niet; elk mens vindt nieuwe dingen interessant en spannend en kinderen zijn van nature geneigd dit ook leuk te vinden. Wat een respect heb ik dan ook voor die leerkrachten, die jaarlijks 200 dagen of in deeltijd een groot deel daarvan voor eenzelfde groep staan. Ik vind mezelf best leuk, maar ik weet ook wel dat dit er op een gegeven moment een beetje afgaat. Vroeg of laat gaan de kinderen aan je wennen word je toch ‘gewoon’.

Uit ervaring weet ik overigens dat dit niet erg is, je krijgt er namelijk ook wel iets voor terug. Kinderen gaan zich bij je thuis voelen en zich zeker voelen, ze weten wat ze aan je hebben waardoor ze meer van zichzelf laten zien. Dat geeft je de ruimte om goed naar de kinderen te kijken. Zo kun je het maximale uit de kinderen van de groep halen. Het blijft echter een uitdaging om continue de aandacht van de kinderen vast te houden. Allereerst kun je je afvragen of dit moet. Een voorbeeld:

In groep 8 van een school waar ik regelmatig inval zit een jongen, die vorig jaar in groep 7 het hele jaar in het buitenland is geweest. Zijn vader deed als arts een uitwisseling. De jongen, Mischa, is daar wel naar een lokale school geweest maar hij heeft niet zoveel extra geleerd op die school. Hij zat qua niveau al ruim op eind groep 7. Bij terugkomst bleek dit ook, hij had een hele hoge CITO-score met een VWO advies. Stiekem dacht ik, wat een mazzel dat hij er een jaar tussenuit is geweest, hadden we hem die extra uitdaging kunnen bieden, hadden we zijn niveau nog verder kunnen opkrikken? 

Uiteraard wil je met dit soort leerlingen verbreden en verdiepen. Maar als in een groep van 26 kinderen er al vijf van dit kaliber hebt zitten, heb je dan tijd om iedereen individueel aan het werk te zetten? Of is het slimmer om de kracht van deze kinderen in te zetten bij het behalen van hogere opbrengsten voor de hele klas? Zelf geloof ik in het laatste. Zet de kennis en de kunde van briljante leerlingen in om meer opbrengsten te genereren voor de hele klas. Op die manier profiteren alle leerlingen in de klas van elkaars kwaliteiten. Excellente leerling trots en in ontwikkeling, leerkracht blij, en de andere leerlingen veel geleerd van een leeftijdsgenoot! 
Meer praktijkvoorbeelden vind je hier

zondag 4 september 2016

Leestas


Als ik naar school fiets hangt er altijd een leestas aan mijn stuur. Onhandig fietsen, dat wel, maar dat valt in het niet bij het plezier dat de leerlingen er van hebben. 

Ik stop er van alles in; Duckies, Topmodel, puzzelboekjes, Jan, Jans & de kinderen, Ajax-krantjes (sorry 010), de krant, een ARTIS-magazine, een paar boeken (!); bijvoorbeeld het ‘Dagboek van Anne Frank of  ‘Het grote Heldenboek’, een Geronimo en een Dolfje. En laatst ook een kopie van een liefdesbrief van mijn opa aan mijn oma. 

’s Middags beginnen we met 20 minuten lezen en de kinderen mogen dan iets uit de leestas kiezen. Met ogen dicht, gewoon iets pakken. Dat ga je lezen en als je het niets vindt, geef je het aan een klasgenootje waarvan je weet dat hij of zij het wel leuk vindt.  Zelf ga ik ook zitten lezen (Juf, wat lees je? Vertel ik straks!). Om daarna nog een hoofdstuk uit mijn eigen boek (toevallig een heel leuk boek voor deze groep) voor te lezen. Zien lezen doet lezen! En: lezen is lezen, dus je kunt ook een Kuifje pakken. Wat maakt het uit. De sfeer in de klas is heerlijk tijdens die 20 minuten want je mag ook onder je tafel lezen, of languit, of op je tafel met je voeten op je stoel. Readers are Leaders, tenslotte.

zondag 24 juli 2016

Anti-dip-tips


Vakantie, lekker lang vrij! En ook voor kinderen met een taalachterstand lekker veel kans op een vakantiedip.

Uit onderzoek blijkt dat veel kinderen met een taalachterstand aan het eind van een lange zomervakantie terug op school komen met een lager taalniveau dan ze hadden voordat de vakantie begon. Ze hebben door het gebrek aan aandacht voor taal in de vakantie een negatieve leercurve.


Print deze tips nog even uit voor de ouders van jouw leerlingen en geef ze mee, of zet ze op Facebook, op de mail of op de site van je school: GRATIS tips om tijdens de vakantie ongemerkt leesmeters te maken:

1. Zingen - dat vinden ze wel leuk! En zeker als je als ouder meedoet. Maakt niet uit wat voor liedjes, als ze maar de hele dag in je hoofd blijven zitten. Er zijn van die liedjes waarmee je niet verder komt dan de eerste twee regels. Zoek de songtekst op, print ‘m uit en studeer samen in. Om nooit meer te vergeten. Van Annie M.G.- liedjes tot aan Parijs van Kenny B., een nummer vol met taaldingetjes   

2. Taalspelletjes – maak van de dagelijkse dingen een taalspelletje aan de keukentafel; boodschappenlijstje, vakantie-inpaklijst, een verjaardagskalender, borden langs de snelweg. Allemaal leuke taalsnacks voor in de vakantie, hier vind je ze allemaal!

3. De vakantiebieb – om te downloaden op je telefoon of tablet. En dan kun je kiezen uit leuke titels, voor je kinderen maar ook voor jezelf. Travel light! En: lees samen met je kind voor, om de beurt een stukje, samen een hoofdstuk per dag. Lees hier hoe het werkt

Om met neuroloog Dick Schwaab te spreken; ‘door te lezen leggen de hersenen van jouw kinderen weer allerlei nieuwe verbindingen; moeilijk begaanbare kronkelweggetjes worden steeds breder en minder bochtig, tot er uiteindelijk 4-baans snelwegen zijn, waar de woorden met grote snelheid de kortste weg van A naar B afleggen’.

Als je kunt lezen, kun je leren (over wat jou boeit), hier vind je tips voor ouders over lezen.

Fijne vakantie!                                     
                                                                       Verhalenfabriek ondersteunt www.letgirlslearn.peacecorps.gov

vrijdag 17 juni 2016

1000 nieuwe woorden


Uit onderzoek blijkt: als je je kind elke dag een kwartier voorleest leert je kind 1000 nieuwe woorden per jaar! Duidelijk en heldergewoon doen dus. 

Nog leuker en gemakkelijker met deze gouden voorleestips van Verhalenfabriek. 

1. Blijf voorlezen, ook in groep 8!
En liefst nog langer, zolang ze het leuk vinden (sommige kinderen vinden het heel lang leuk, ook al denken wij van niet). Laat ook leerlingen af en toe een stukje voorlezen uit hun favoriete boek.

2. Lees voor op een vast tijdstip
Zoveel mogelijk. Een vast moment is duidelijk, kinderen kunnen zich er op verheugen en er is minder kans dat je het vergeet. Lees eens een keer een heel uur voor (ook en met name in de klas).

3. Lees om-en-om
Jij een stukje en je kind/leerling een stukje. Zo blijven alle partijen actief betrokken en maak je leesmeters. Kies ook af en toe een gedicht uit om voor te lezen, als je van gedichten houdt. Of als je een dichter bent.

4. Lees hetzelfde boek gerust twee keer
Als kinderen er om vragen, waarom niet? Sommige boeken verdienen het ook om 2x gelezen te worden. Je ontdekt dan weer andere dingen en nog meer nieuwe woorden. Kies als vader/moeder/juf/meester ook eens een boek uit dat je zelf vroeger zo mooi vond, of een boek dat aan jou is voorgelezen.

5. Loop vooruit
Op de gebeurtenissen. Bespreek samen wat jullie denken dat er gaat gebeuren bij een spannend, mooi of grappig stukje.

6. Geef woorden cadeau
Als je 15 minuten per dag voorleest, leert een kind gemiddeld al zo’n 1000 nieuwe woorden per jaar erbij. Hoe mooi is dat; alleen door een leuk verhaal voor te lezen. Als leerkracht bereik je dat dus in één keer bij zo’n 25 leerlingen tegelijkertijd. 

7. Voorleesvaders
Vaders en moeders lezen allebei op hun eigen unieke wijze voor en zijn dus allebei nodig om voorlezen tot een feest te maken! Alleen moeders doen het vaker, er zijn minder vaders als lees-rolmodel. Dus ben je vader? Jouw stijl (meer volwassen toon, moeilijkere woorden en het verzinnen van verhaallijnen) werkt voor je kind!

8. Neem altijd een boek mee
Of een tijdschrift, of een e-reader. Dan kun je overal en altijd voorlezen of samen lezen; als je even moet wachten bij de dokter, zwemles, in de file of bij een ambtelijk loket. En voorlezen hoeft niet per sé uit een boek; mag ook een tijdschrift zijn, een Sinterklaasgedicht, een recept, een songtekst, een krantenartikel. Voor als je geen zin hebt in een boek.

9. Voorleesmoeders
Moeders lezen vaker voor met verschillende stemmetjes en gebaren, gaan vaker (dan vaders) met hun kinderen naar de bieb of boekwinkel en lezen vaker in het bijzijn van hun kinderen. Dus ben je moeder? Ga hier vooral mee door!

10. Val gerust in slaap
Als je voorleest vlak voor het slapengaan, wees dan niet beledigd als kinderen in slaap vallen. Dat gun je ze juist; in slaap vallen met de woorden van je favoriete boek, voorgelezen door je favoriete voorlezer. Samen in slaap vallen is nog mooier!